Verkiezingen op 26 mei: politicoloog Nicolas Bouteca zet alles op een rijtje

16/04/2019

Zondag 26 mei is het zover, dan zijn het opnieuw verkiezingen. Deze keer komen de parlementen op Vlaams, federaal en Europees niveau aan bod. Met andere woorden: drie verkiezingen, heel wat verkiezingsthema’s en waarschijnlijk heb je ook enkele vragen. Politicoloog Nicolas Bouteca (UGent) wist de onze alvast met glans te beantwoorden.

IN ‘T KORT

  • Op zondag 26 mei krijg je drie lijsten waarop je, los van elkaar, kan stemmen op een partij (lijststem) of politici binnen die partij (één of meerdere voorkeurstemmen).
  • In Kortrijk stemmen inwoners elektronisch.
  • Belangrijkste verkiezingsthema’s: klimaat, onderwijs, mobiliteit en begroting.
  • Mogelijke winnaars van de verkiezingen volgens Bouteca: Groen, N-VA en Vlaams Belang.
  • Stemmen op Kortrijkse politici kan ervoor zorgen dat lokale dossiers op de nationale agenda komen, al blijft die impact beperkt.
  • Kortrijkse politici die wellicht een plaatsje in het parlement zullen veroveren: Roel Deseyn (CD&V), Axel Ronse (N-VA), Vincent Van Quickenborne (Open Vld) en Wouter Vermeersch (Vlaams Belang).
  • De kaarten liggen minder goed voor Felix De Clerck (CD&V), David Wemel (Groen) en Maxim Veys (sp.a), maar hun opdracht is niet onmogelijk.

Beluister het volledige interview met Nicolas Bouteca.

Stel, je hebt een duidelijke partijvoorkeur. Kan je op 26 mei slechts één lijst invullen in plaats van drie lijsten?

“Dat kan je natuurlijk doen, maar je krijgt drie kansen. Zowel voor de federale verkiezingen, de Europese alsook het Vlaams parlement, dus jouw voorkeur kan daarbij wel wat wisselen als je dat zou willen. Het ambetante is misschien dat weinig mensen op de hoogte zijn van wie of welk niveau voor wat nu juist bevoegd is. Ik denk bijvoorbeeld aan onderwijs, ik weet niet of elke Vlaming perfect weet dat enkel Vlaanderen daarvoor bevoegd is bijvoorbeeld. Dus ik denk dat weinig Vlamingen weten hoe die bevoegdheidsverdeling in elkaar zit, omdat België nu eenmaal een zeer ingewikkeld land is.”

“Je kan drie verschillende stemmen uitbrengen, en mensen doen dat ook wel eens. Ze kennen soms iemand die op de Vlaamse lijst staat of iemand die op de federale lijst staat en die eventueel toevallig tot een andere partij behoort. Dus je kan zeker en vast drie verschillende stemmen uitbrengen als je wil, maar dan moet je misschien wel eens van dichtbij gaan kijken welke overheid waarvoor bevoegd is. Als je bijvoorbeeld een uitgesproken mening hebt over onderwijs, dan kan je kijken naar Vlaanderen en wat de partijen daarover zeggen. Heb je een uitgesproken idee over sociale zekerheid dan moet je vooral op federaal niveau kijken wat de partijen daarover zeggen. Je kan het wel gaan doen en het gebeurt meer dan in het verleden, maar het zal wel wat inspanning vragen van de kiezer om echt te achterhalen wie nu juist waarvoor bevoegd is.”

Maar je moet wel effectief op drie verschillende lijsten een stem uitbrengen? Het is niet zo dat je kan zeggen: nee, geef mij maar één lijst, dan kleur ik maar één bolletje?

“Nee, je krijgt drie stembiljetten. In Kortrijk zal het natuurlijk elektronisch gebeuren maar je moet dus drie keer een bolletje kleuren. Je kan het bolletje kleuren van de partij waar je fan van bent, die waarvan jij wilt dat die de komende jaren het bestuur zou gaan voeren. Maar je kan natuurlijk ook voor een voorkeurstem gaan, binnen een lijst, maar dan moet je wel binnen diezelfde lijst blijven. Dan kan je een voorkeurstem gaan geven voor een politicus die je een goeie politicus vindt. Dat zijn keuzes die je allemaal zelf kan maken.”

Zo’n voorkeurstem geef je als je de volgorde van een lijst een beetje wil beïnvloeden?

“Indeerd, op die manier zeg je: ik wil zelf de volgorde bepalen van wie in het parlement komt. Nu hebben alle partijen zelf hun volgorde voorgesteld maar je kan die volgorde trachten te doorbreken door voorkeurstemmen te geven. Nu, het is wel heel moeilijk om die volgorde te doorbreken. Voorkeurstemmen hebben een zekere impact in het doorbreken van de volgorde die de partijen zelf al hebben gemaakt, maar een beperkte impact want eigenlijk is diegene die bovenaan de lijst staat meestal degene die in het parlement komt. Het gebeurt zelden dat mensen springen over een ander.”

In verband met de voorkeur, midden maart was er een opvallende uitslag na een schooldebat in Rhizo Lyceum. Vlaams Belang haalde toen 34 procent van de stemmen, 16 procent meer dan de tweede partij N-VA. In welke mate zal dat het eindresultaat zijn binnen vijf weken?

“Ik denk dat het niet zo uitgesproken zal zijn, maar je ziet daar een aantal elementen die zouden kunnen terugkomen. Zoals een N-VA die volgens mij relatief zal standhouden en de grootste Vlaamse partij zal zijn. En ik denk dat Vlaams Belang het beter zal doen dan in 2014, ze zullen geen 34 procent halen natuurlijk maar ze zullen misschien wel boven de 10 procent scoren. Waar ze nu een stukje onder de 10 procent zaten in 2014, dus ik denk dat Vlaams Belang wel een van de winnaars van de verkiezingen (gemeenteraads- en provincieraadsverkiezingen, red.) zou kunnen worden in navolging van de verkiezingen die we in oktober hebben gehad. Daar waren ze allebei een van de winnaars. Volgens mij zal N-VA ook wel relatief goed stand kunnen houden als de grootste partij aan Vlaamse zijde. Wat we nog zouden kunnen zien, aan de andere kant, is dat Groen aan de linkerzijde ook een van de winnaars van de verkiezingen kan zijn.”

In welke mate zal Kortrijk op dezelfde manier stemmen zoals bij de lokale verkiezingen op 14 oktober 2018?

“Er is een groot verschil tussen de lokale en de nationale verkiezingen. Die lokale politici die opkomen… iedereen kent wel iemand die meedoet en gaat dan misschien sneller zijn stem aan die persoon gaan toebedelen. Nu zullen vooral nationale trends een grote impact hebben. Je zal niet meer kijken naar wat er allemaal in Kortrijk is gebeurd om je stem op te baseren, om je stem te geven aan een partij waar je de afgelopen jaren van zei: kijk, de meerderheid heeft het misschien goed gedaan de afgelopen zes jaar dus ik zal stemmen voor die partij die de burgemeester leidt. Dat zal veel minder spelen nu.”

“We gaan vooral kijken naar die nationale campagnes en debatten die getoond worden op nationale televisie. Dus de impact die Kortrijk heeft op die nationale verkiezingen is relatief beperkt. Ik denk dat we niet moeten verwachten dat Open Vld de grootste partij wordt zoals hier in Kortrijk het geval is geweest in 2018. Nee, we gaan kijken naar nationale trends dan denk ik dat de trends diegene zullen die ik daarnet heb genoemd. Namelijk dat Groen, N-VA en Vlaams Belang het volgens mij wel goed zullen doen. De andere, minder traditionele partijen zullen het misschien een beetje moeilijker hebben om zich te handhaven.”

Soms wordt er gezegd dat je bij die grotere verkiezingen best op politici stemt die uit je eigen stad komen, is daar iets van aan?

“Ja, het kan helpen. Het kan zijn dat politici die zowel nationaal als lokaal opkomen, een grotere impact kunnen of trachten hebben op bepaalde dossiers. Het gaat dan bijvoorbeeld over de tram die naar Kortrijk zou komen of de E17 die ter hoogte van Kortrijk overkoepeld zou worden, wat nog een verkiezingsbelofte was in 2018. Men ging daar voor zorgen. Kijk maar naar het moskeedossier, dat willen veel partijen uit Kortrijk maar Liesbeth Homans houdt dat op Vlaams niveau tegen volgens sommige partijen.”

“Natuurlijk ben je het best minister op federaal niveau om zo’n dingen te doen voor je stad en dergelijke figuren hebben we niet meer in de Kortrijkse politiek. Zelf Vincent Van Quickenborne zegt ik ga 6 jaar burgemeester blijven. Bovendien is hij in zijn eigen partij niet meer de nummer 1 in West-Vlaanderen, dat is Bart Tommelein. Hij heeft die rol overgenomen. We hebben ook geen Stefaan De Clerck meer die ook minister zou kunnen worden. Het is wat moeilijker geworden om als Kortrijkse politicus te gaan wegen op dat beleid op Vlaams en federaal niveau omdat ze niet meer dezelfde carrure (waarde, red.) hebben als vroeger. Er zullen heel wat partijen zijn die wel een vertegenwoordiger hebben op nationaal niveau in de Kamer of in het parlement, maar ministers dat lijkt verleden tijd te zijn.”

Wat zijn de thema’s die deze verkiezingen centraal staan? Waarover spreken de partijen zich vooral uit?

“Het thema klimaat is in ieder geval niet weg te denken uit de campagnes, het zal redelijk centraal staan zoals het de afgelopen maanden centraal stond. Dat kan een voordeel zijn voor een partij als Groen maar dat kan ook een voordeel zijn voor een partij die het tegenovergestelde zegt van Groen. Denk bijvoorbeeld aan Nederland, aan Thierry Baudet, die zei het tegenovergestelde van wat de groenen daar zeiden. Met andere woorden: als je een duidelijke visie op het thema hebt dan kan je duidelijk scoren als politieke partij. Onderwijs voel je ook sterk, al is het maar omdat N-VA daar een groot punt van maakt. Zij zeggen: het niveau van ons onderwijs gaat achteruit, dat is de algemene vaststelling die men doet, dus we moeten ons de vraag stellen, wat gaan we daaraan doen? Investeren in leerkrachten en dergelijke zaken meer. Daarnaast is er ook mobiliteit. We hebben files en die raken niet opgelost en het voorstel van te gaan rekeningrijden, niemand is daar plots nog fan van. Maar de vraag is dan hoe gaan we onze files dan wel oplossen?”

“Nog een belangrijk onderwerp is de begroting, dat gaat over geld. Dat klinkt saai en dat is het misschien ook een beetje, maar geld is wel het belangrijkste in de politiek. Keuzes zijn keuzes en die draaien rond geld in de politiek. Gaan we besparen, bijvoorbeeld? We hebben een tekort van 8 tot 8,5 miljard euro dat moet weggewerkt worden maar de vraag is hoe moeten we dat doen? Dat is iets waar de partijen het niet graag over hebben, ze hebben het altijd over wat ze willen doen, waarin ze willen investeren maar niet hoe we de begroting kunnen dichten. Dat is belangrijk natuurlijk, dat zijn rekeningen die betaald moeten worden. Het zijn discussies die men niet graag voert want dan moet men besparen op sociale zekerheid en dat is heel moeilijk. We hebben het gezien de voorbije jaren, zelfs onder een centrumrechtse regering. Stel u dan voor dat we dat moeten doen met een linkse regering. Stel u voor dat je dan moet gaan snijden in sociale zekerheid, pensioenen, werkeloosheidsuitkeringen … Dat is allemaal heel moeilijke materie waar partijen zich moeilijk over uitdrukken op dit moment. Niettegenstaande dat we tegen 26 of 27 mei, de dag na de verkiezingen, zouden moeten beginnen onderhandelen om een regering te vormen en dan zal dat financiële plaatje heel centraal komen te staan.”

Kan je daar wel nog iets aan doen? Want regering na regering lukt het precies niet. Misschien is het niet haalbaar om het gat te dichten? Misschien ligt dat niet binnen hun macht?

“Ja dat is moeilijk in elk geval, anders was het al gebeurd, maar ik denk wel dat het haalbaar is. Je kan bijvoorbeeld vermogens gaan belasten, je kan hier en daar besparing gaan doorvoeren zoals in het onderwijs maar het is momenteel electoraal zeer moeilijk om dat op tafel te leggen. Dit is niet de periode waarin politici echt moedig durven te zijn met campagnes, en dan doen ze graag voorstellen waaraan ze geld willen uitgeven maar het blijft moeilijk om voorstellen te doen over waarop ze willen besparen. We hebben ook wat bespaard hé, de laatste jaren. Alleen hebben we tegelijkertijd de belastingen verlaagd. Dat is een beetje de reden waarom we nu met zo’n groot gat zitten. Dus je kan het wel gaan doen maar dan moet je natuurlijk keuzes maken en niet gaan besparen, tegelijk de belastingen verlagen en dan nog eens een begroting op orde willen hebben. Dat zijn natuurlijk heel moeilijke combinaties om te maken. Dan moet men zich gaan afvragen: wat willen politici? En daar zijn ze denk ik op dit moment een beetje onduidelijk over.”

Uiteindelijk zullen we ook moeten stemmen, heb je toevallig wat stemadvies bij?

“Nee, ik wil geen stemadvies geven. Wie ben ik om stemadvies te geven aan de luisteraar, die mag stemmen zoals hij wil. Alle partijen hebben een aantal goeie politici in hun rangen. En moet je per se voor een Kortrijkse politicus stemmen? Ja, als je een aantal dossiers versneld wil zien gerealiseerd worden, hoewel dat daar de impact van die mensen beperkt is.”

“Als je nu voor een Kortrijks politicus stemt, ligt de volgorde sowieso al vast. Ik heb het daarnet al gezegd, de volgorde die de partijen hebben opgezet is een belangrijk aspect om al dan niet in het parlement te geraken. Nu doen die zaken er misschien niet zoveel toe. Maar als je wilt dat tijdens de volgende verkiezingen van 2024 opnieuw diezelfde politicus een goeie plaats krijgt op de lijst, dan moet je misschien wel voor een Kortrijkzaan stemmen. Een voorkeurstem is een heel belangrijke reden om iemand bovenaan de lijst te stemmen.”

Welke Kortrijkzanen zullen ook effectief in een van die parlementen gaan zetelen?

“Ik denk in elk geval Vincent van Quickenborne (Open Vld, red.), hij is lijsttrekker dus hij zal het halen. Axel Ronse (N-VA, red.) heeft een goeie plaats binnen zijn partij op de Vlaamse lijst, die zal ook verkozen worden. Roel Deseyn van CD&V, heeft ook een goeie plaats gekregen. Verder is Wouter Vermeersch van Vlaams Belang volgens mij ook een zekerheid.”

“Wat het eventueel ook zou lukken, is David Wemel van Groen. Hij zou in het Vlaams parlement kunnen geraken. Maxim Veys staat op de derde plaats van sp.a, dat is al wat moeilijker maar het zou kunnen lukken als we de resultaten van 2014 herhalen van sp.a. Dan zou het zeker makkelijk zijn. Felix De Clerck is lijstduwer voor het Vlaams parlement, dus hij zou moeten springen over iedereen in zijn partij om verkozen te worden. Het wordt moeilijk. In 2014 is het niet gelukt, nu lukt het misschien wel. Maar ja enfin, er zijn heel wat mogelijkheden in elk geval en duidelijk een aantal zekerheden zoals Roel Desyn, Wouter Vermeersch, Axel Ronse en Vincent Van Quickenborne.”

Pics by RHIZO Lyceum OLV Vlaanderen Kortrijk

Gaëlle Leon

Plaats een reactie

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.